beleggen in kunst?
Vorig jaar werd de hoogste prijs ooit betaald voor een kunstwerk. Het abstracte expressionistische werk No. 5 van de Amerikaan Jackson Pollock verwisselde voor 140 miljoen dollar van eigenaar.

Menigeen slaat bij het horen van zulke bedragen achterover. In werkelijkheid is de kunstmarkt echter klein en bovendien duur, zo bleek gisteren uit een onderzoek van Iris, het onderzoeksinstituut van Rabobank. Op het eerste gezicht lijkt de kunstmarkt lucratief. De index die het rendement aangeeft van beleggingen in kunst, in het leven geroepen door de professoren Micheal Moses en Jianping, hield tussen 1954 en 2004 ongeveer gelijke tred met de Standard Poor’s-index. In laatstgenoemde index zijn de belangrijkste Amerikaanse bedrijven opgenomen.
In 2005 overtrof het rendement op kunst dat op aandelen, obligaties en spaarproducten. De kans dat kunst met verlies moet worden doorverkocht is kleiner dan bij bijvoorbeeld goud of diverse grondstoffen.
Het schilderij Bassin Aux Nympheas van Claude Monet kostte in 1960 vijftigduizend dollar. In 1999 leverde het doek bijna 23 miljoen dollar op.
Toch geven deze succesverhalen een vertekend beeld. Een van de belangrijkste kenmerken van de kunstmarkt, is dat deze niet efficieent is.
Simpeler gezegd komt het erop neer dat er aan veilinghuizen hoge transactiekosten moeten worden betaald bij een verkoop.
Niet te vergelijken met de relatief lage kosten bij handel in aandelen. Verder is de toekomstige waarde van een doek moeilijk in te schatten. “Je weet pas wat het waard is op het moment dat het verkocht is”, aldus onderzoeker Gert van der Paal van Iris.
Van der Paal wijst erop dat de indices van professoren zoals Mei en Moses de hoge transactiekosten niet meeberekenen.
“Bovendien blijven eigenaren wel eens zitten met een doek. Dat is ook niet verdisconteerd in de grafieken”, aldus de onderzoeker.
Andere bezwaren zijn de hoge kosten voor verzekering en beveiliging en het risico dat een schilderij vervalst is.
Van een grote markt is evenmin sprake. Van der Paal: “Schattingen lopen uiteen van 20 tot 30 miljard dollar. Op de Euronext-beurzen ging vorig jaar zo’n 1800 miljard euro om.” Al met al is het niet gangbaar om in kunst te beleggen. Er zijn wat fondsen die ‘mandjes met kunst’ aanbieden, maar dat zijn er een handvol. “Beleggen in kunst is niet voor de kleine beurs,” constateert Van der Paal. “En als je het doet, moet je bereid zijn het voorwerp lang in bezit te houden en er kennis van hebben wat straks de ‘trend’ is.” Spreiden is nog zo’n toverwoord. “Als je je geld uitsluitend in kunst steekt, kun je nog wel eens van een koude kermis thuiskomen.”