Carnaval rond het Muziekpaleis
Carnaval rond het Muziekpaleis
Je neemt je feestelijke dolk uit de schede
en dolt mij, Spanjool, dreigt me daarmede
den beck te veeghen -als bij meisjesgenade
voor twee volwassenen. Het is benauwd zo
onder enen vrouw te liggen, die oude kledij
kan beter uit. Trijn, oh Trijn van Leemput.
bijkans vergeten, maar van node gemist:
die eerste steen was geen probleem, zo losgewrikt
met je pikhouweel, er volgden er nog
veel, van allerlei gebouwen, totdat eeuwen
later alles hier tot stilstand kwam en er enkel
een brakke vlakte liggen bleef bij die laatste schil,
die toch ooit eens weer spil moet worden van alles
wat opklinken wil in zo’n paleis. Ufjes, oh Ufjes,
standhoudend vrouwenleger van de stad, ruk op,
lallend in polonaise, met wagens vol bloemen,
en dan bij Vredenburg linksaf de leemput in:
schrik alle eksters op en schik de bloemen
een voor een tot nieuwe steen, verander die put
in een bed voor lange nachten met een vrouw.
CU in 2030 Trijn! Wat moet het heerlijk zijn,
om dan en daar weer te ontwaken onder jou
Ruben van Gogh
Ruben van Gogh (1967), die op dit moment ook werkt aan de opera Nikola en deel uitmaakt van het Utrechtse dichtersgilde, schreef het Utrechtgedicht van de maand. Tien keer per jaar verschijnt het Utrechtgedicht op verzoek van Kunstliefde en Stichting Literaire Activiteiten Utrecht. Rabobank Utrecht is sponsor van het Utrechtgedicht van de maand.